logotype
21 June 2018 - 13:53

Wat is er aan de hand in Ethiopië?

Sinds begin oktober 2016 heeft de Ethiopische regering de noodtoestand uitgeroepen. De noodtoestand was het antwoord van de regering op aanhoudende demonstraties van twee bevolkingsgroepen: de Oromo en de Amhara, waarbij volgens waarnemers de afgelopen maanden zeker 500 doden vielen. Mensenrechtenorganisaties als Human Rights Watch schrijven die zonder meer op het conto van de Ethiopische veiligheidsdiensten, die grof geweld gebruikt zouden hebben bij het neerslaan van de protesten. Onder de noodtoestand zijn alle demonstraties verboden en is de rust in het land weergekeerd.

De opstand begin negentiger jaren van de vorige eeuw (tegen Mengistu de communistische leider) was eigenlijk al het begin van alle onrust. De regering van Mengistu werd met name omver gegooid door het initiatief dat de kleinste stam van het land nam – de Tigray -
die het uiterste noorden wonen. Zij claimden als reden van hun overwinning, dat zij in bezit zijn van de Heilige Ark zouden zijn.

Vanaf het eerste moment trok deze stam, de Tigray, alle macht naar zich toe en bezette alle regeringsplaatsen en trok ook alle autoriteit naar zich toe: leger, politie, ambtenarij van hoog tot laag, staatsbedrijven zoals energiebedrijven, maar ook alle communicatie zoals posterijen, telefoon, e-mail.  Op elke post waar een burger maar kon komen of het nu een visum was voor het buitenland of een rijbewijs, een postzegel of vreemde valuta, een rekening moest voldoen voor water, elektra, afdragen van belasting, een vergunning ergens voor of huishuur op elke plek zat een Tigray. En zeker in het begin waren deze mensen onkundig en onervaren en liep alles erg stroef.

Wie nu vooral hiertegen rebelleert is de grootste stam, de Oromo, en in veel mindere mate de stam die vroeger de leiding had: de Amharen (het herenvolk waartoe ook de keizer behoorde en waarvan de taal de voertaal is van Ethiopië, zoals bij ons het Engels functioneert).
De staat heeft vanaf het eerste begin alle grond onteigend en naar zich toegetrokken. Grond kun je niet meer kopen, wel pachten en de overheid doet hiermee goede zaken o.a. met China, maar ook met o.a. de Nederlanders die daar een activiteit zijn begonnen.

Afgezien van het feit dat de Oromo ook willen participeren in het regeren van het land om zo ook hun eigen belangen beter te kunnen verdedigen is het zo dat de Oromo een sterke vooroudercultuur hebben, zelfs als ze orthodox of evangelisch christen zijn.
In de voorouder cultuur speelt het stukje land dat je vaak al generaties lang hebt bewerkt een grote rol. Een overleden voorouder blijft aan dat stukje grond verbonden, en houdt contact met de familie waar hij uit komt en geeft adviezen o.a. over zaaien en oogsten, of met wie de zoon moet trouwen etc. Verlies je als Oromo boer je stukje grond dan raak je los van je voorgeslacht en van alle goede raad van hen. De langst levende van de familie onderhoudt namelijk het  contact met de laatst overledene en geeft diens opdrachten door.

Als de regering hun het land afneemt, krijgen ze wel een vergoeding van de nieuwe eigenaar, vaak veel geld in hun ogen, en dus stemmen ze toe en geven hun land af. Maar na een aantal jaren is het geld op en claimen ze hun land terug. Om hun protesten duidelijk te maken branden ze bedrijven plat en zaaien onrust vooral bij potentiële nieuwe bedrijven.  Tot nog toe hebben ze voor de staat onbelangrijke bedrijven gemolesteerd, maar de regering is  natuurlijk bang dat de Oromo hun Chinese belangen gaat dwarsliggen.  Ethiopië heeft verregaande afspraken met China, die waarschijnlijk in ruil voor land (of de opbrengst er van) de infra structuur van Ethiopië te verbeteren. Een andere doorn in het oog van de Oromo is dat China hiervoor (bijv. wegenaanleg) eigen arbeiders meeneemt, ook al omdat ze geen gekwalificeerde arbeid in het land kunnen vinden.

comments
2018  Bridge to Light    -   globbersthemes joomla template